Op deze pagina vindt u teksten en
afbeeldingen
uitgezocht of gemaakt door onze pastores en parochianen
x
Pastor Paul Heye gebruikte een lied van
Daniel Lohues voor de overweging met Allerheiligen
De Drentse zanger Daniel Lohues zingt op zijn cd ’Hout Moet‘
het lied: ‘Bij de hemel in de rij. Hij zingt over mensen, mensen die goed doen omdat ze niet anders kunnen.
Die goed zijn, al staan zij daar zelf niet bij stil. Ze zien wat een ander nodig heeft.
Er zit geen kwaad in hen. Onopvallend sluiten zij zich aan achter in de rij bij de hemel, zoals zij heel hun leven gewend zijn geweest te doen.
Maar …. zonder gemor over voorkruipen mogen juist zij voorgaan!
Hij zingt over een engel die altijd voor iedereen klaarstaat, in de nacht nog in de weer. Een engel van een mens die oude mensen begeleidt naar de dood, collecte loopt, geen kwaad zegt en inspringt bij alle nood.
Of iemand die, als een Franciscus met een klein gebaar zorg heeft voor ieder dier, en ook nog een kaarsje brandt bij Franciscus ‘beeld’.
Zulke mensen hoeven niet in de rij te wachten bij de hemelpoort. Als zo iemand aankomt bij de hemelpoort, mag die iedereen voorbij die daar wel moet wachten, bij de hemel in de rij.
Bij de hemel in de rij.
In de nachten in de weer
’t is heur vak, hef ze veur leert
Aoldere mensen naar ’t einde brengen.
Klagen dot ze nooit ’n keer
Al dot hear de rugge zeer.
Ze zal nie gau verkeerde dingen zeggen
En naast heur wark, collectes lopen
En direkt de mouws opstropen
As der ien verlegen zit
um wat dan ok
Die huuft niet te wachten bij de hemel in de rij
Die mag direkt deur, mag iederien veurbij
die huuft niks uut te leggen
die huuft niks te zeggen
Nee, die huuft niet te wachten
bij de hemel in de rij
Zo ken ik ok ’n meneer
Die deu ok werkelijk niks verkeerd
Umdat der niks gien kwaad in ‘m zat.
Zag hij ú puutie langs de straat
Met stoete, weggooid in de haast
Deur schoolkinder die leben op patat
Dan fleut hij zien hoogste lied
Deu ’t puntie lös veur vogelties
En brandde ’s avonds
’n keersie bij Franciscus
Bij de hemel in de rij
Staan zulken vaak ok nog ’s achteraan
Ze wollen zich weer niet opdringen
Mar dan begunt de Hiele rij
Te wiezen en te wenken en te zingen
x
Stadsdichter Kees van Meel maakt dit
gedicht voor de expositie 'Martinus in Princenhage'
Glaskerk
tussen breekbaar glas in
een uit lood geslagen wereld
kleurt de hoop in fragiel belijnen op
zover de ogen open staan
zover de oren open gaan
dit gotisch teken van gedenken
een avondmaal een aflegging
het kruis gekoesterd als gelouterd leven
twee millennia lang gedeeld geloof en ongeloof
veelkleurig klieft de glazen kerk nog
de gekromde spanten in
voorlopig nog een eeuwigheid
in roes van liefde uitgevoerd
een kerk een schuilplaats
een lijn met god
van kleurig glas
voor zolang
zeker
glaskerk
x
Pastor Henny Spooren kreeg in augustus 2011
bezoek...
Een bijzondere logeerpartij
Het is alweer september en dit betekent dat voor de meeste mensen de vakantie alweer voorbij is. Hopelijk kijkt u terug op een mooie tijd en heeft u kunnen genieten van de rust. Zelf zijn wij nog niet weggeweest. In afwachting van de geboorte van ons eerste kleinkind hebben wij onze vakantie uitgesteld en gaan wij in oktober er een paar weken tussenuit. Dit betekent echter niet dat we gewoon hebben doorgewerkt deze zomer. Het zomergevoel geeft ook als je thuisblijft een gevoel van ontspanning en rust. Er hoeft even niets....nou ja....in ieder geval niet zo veel als anders. En dat geeft de mogelijkheid om je open te stellen voor iets nieuws. Het gaf ons in ieder geval de gelegenheid om gedurende tien dagen gastouders te zijn voor drie jongeren (25, 22 en 20 jaar) uit
Namibie. En hierover wil ik u graag iets vertellen.
Deze jongeren waren met een kleine honderd jongeren uit Namibie, Kenia, Tanzania,
Brazilie, Indonesie, Oost-Timor en Nederland te gast bij de fraters CMM, beter bekend als fraters van Tilburg. De jongeren waren uitgenodigd om ambassadeur te worden van een wereldwijde beweging van barmhartigheid en broederschap. In de deelnemende landen hadden zij al enkele voorbereidingsdagen meegemaakt en in Tilburg volgden ze een gezamenlijk traject van verdieping.
Dagelijks kwamen de jongeren bij elkaar in de studentenkerk van Tilburg. Aan de hand van het thema „Jezus, ons kompas op onze weg van barmhartigheid‟ werden de jongeren uitgedaagd om te zoeken naar hun plaats in de wereld, in hun land en in hun eigen situatie.
Na deze week van bezinning, verdieping en plannen maken vertrokken de jongeren met de bus naar Madrid waar zij hebben deelgenomen aan de Wereldjongerendagen. Daarna reisden ze via Lourdes weer terug naar Tilburg waar ze nog enkele dagen gezamenlijk hebben doorgebracht. Op 27 augustus vertrokken ze weer naar hun eigen thuis aan de andere kant van de wereld: uitgezwaaid door de gastouders en vol enthousiaste plannen om barmhartigheid en broederschap handen en voeten te geven.
Gelooft u maar dat het een feest was om tien dagen met deze jongeren op te trekken. Elke morgen om half negen brachten wij „onze‟ jongens Josef, Glenn en Joseph naar de studentenkerk waar de muziek van verre al te horen was en waar al volop werd gezongen en gedanst en vrolijk gepraat en gelachen. En
's avonds was het enthousiasme er nog. Ze vertelden over wat ze hadden meegemaakt, wat voor vreemd eten ze nu weer in de mensa van de universiteit hadden gegeten, waar ze die dag over hadden gesproken en hoe groen het toch was in Nederland (met dank aan alle regen). En tot slot vroegen ze of ze nog even op Facebook mochten om de laatste nieuwtjes met hun familie en vrienden in Namibië uit te wisselen....hoe bekend kwam ons dat voor. En dan liep het alweer tegen de kleine uurtjes en werd het echt tijd om te gaan slapen...
Indrukwekkend waren de vieringen in de verschillende parochiekerken waar elke groep op eigen wijze een lied ten gehore bracht. En of het nu met geopende handen was, met handengeklap of met (naar onze maatstaven) gegil, met zwaaien of dansen, met trommels of tamboerijnen of met de ingetogenheid van de Nederlandse ambassadeurs....hoe het ook was en hoe het ook in onze oren klonk: het was mooi en goed, het mocht er zijn zoals het er was, met alle vrolijkheid en enthousiasme. Op die momenten ging het niet om onszelf, maar om de ontmoeting met God die zo voelbaar aanwezig was te midden van al die kleurrijke mensen afkomstig uit vele windstreken van de aarde.
En als je dan hand in hand het Onze Vader bidt, in een volle kerk en ieder in de eigen taal, dan word je tot op je bot geraakt...dan voel je je intens verbonden met God en met de ander...dan gebeurt er iets met je...je weet diep van binnen „zo is de wereld bedoeld, dit is geloven, dit is grenzeloos leven in zuster- en
broederschap.
De vieringen werden besloten met, - misschien wat oneerbiedig gezegd -, het
„clublied van de ambassadeurs van liefde. Een prachtige tekst, waarvan ik het laatste couplet
(vertaald) citeer:
We zijn allemaal broeders en zusters, ik ben er voor jou en jij voor mij.
De Geest van God verbindt ons met elkaar
en maakt het mogelijk om een ambassadeur van liefde te zijn.
God, zend uw Geest, wij willen een ambassadeur van uw liefde zijn.
Ik wens ons toe deze jongeren te volgen in hun grenzeloos vertrouwen, in hun vrolijk optimisme, in hun blije uitstraling, in hun onwrikbaar geloof in een liefdevolle wereld.
Pastor Henny Spooren-Schaart
x
Pastor Nico Meurkens hIeld bij zijn
jubileumviering
op 28 november in de Martinuskerk
de overweging: “Zoektocht onder reisgenoten”
Lieve mensen,
In een van mijn dagboeken tijdens mijn uitzendingen naar Bosnië schreef ik eens:
Op weg naar Emmaüs.
De actualiteit
op het kruispunt van vrees en hoop.
Het verleden zinkt weg
in de schemering
van de avond.
“Blijf bij ons
want het wordt avond
en de dag loopt ten einde”. (Lucas 24,29)
Vragen en nog eens vragen.
Welke richting te gaan?
Wat blijft nog
van de boodschap
van het evangelie
te midden van alle
andere boodschappen
vandaag de dag?
“Hun ogen
werden verhinderd
Hem te herkennen”. (Lucas 24,16)
Wat is de zin van ons leven?
Wat is onze opdracht?
Waartoe zijn wij op aarde?
Wellicht is een zoektocht
onvermijdelijk in de
alledaagsheid
met haar overrompelende
gebeurtenissen.
Een zoektocht onder reisgenoten
naar wie of wat hen beweegt.
“Een zoektocht naar Hem,
in wie zichtbaar wordt
de weg die God gaat
en welke de weg van de mens moet zijn”.
(Uit: Bisschop H. Ernst, Wie is mens?).
“Brandde ons hart niet in ons
terwijl Hij onderweg met ons sprak
en ons de Schriften ontsloot?”(Lucas 24,32)
“Het leven is een reis”.
Reizen heeft de mensheid van oudsher gefascineerd. Wat is toch die drang om je soms
los te maken van die vertrouwde vast plek, erop uit te trekken, op zoek naar iets
nieuws?
De geschiedenis wordt gekenmerkt door ontelbare personen en groepen die – om wat
voor reden dan ook – hun thuis, hun Heimat (zeggen de Duitsers zo mooi) achter zich
lieten en het waagstuk van een onvermoede toekomst oppakten! Dreef hen het
verlangen naar een ideaal dat zij wilden verwezenlijken? Voelden zij zich vastgeroest in
geijkte patronen van familie- of groepsverband, waardoor het leven van alledag er een
werd van ongekende gezapigheid?
De reis als fascinatie van het menselijk bestaan. Men droomt van ongekende verten op
deze aarde en zelfs daarbuiten. Een reis naar de ruimte van het heelal wordt binnenkort
mogelijk, kost wel honderdduizenden euro pepernoten (om in Sinterklaastermen te
blijven), maar het gaat gebeuren. De moderne pelgrim op weg en op zoektocht naar de gelukzaligheid. Zon en water,
sneeuw en ijs, het panorama van blauwazuren zeeën en stranden met palmen naast
glooiende winterlandschappen met dennen en sparren.
De geschiedenis van het westen en oosten, van het noorden en zuiden heeft tot de dag
van vandaag óók mensen gekend die met “de reis” iets anders bedoelden dan de
hedendaagse touroperators met hun welhaast adembenemende vakantiereisgidsen!
De reis van deze wijze mannen en vrouwen is de reis naar binnen, de reis naar mijzelf,
naar mijn innerlijk, naar de Bron van mijn bestaan, naar God…
Ik herinner mij – als de dag van gisteren – twee mensen die een bijzondere
inspiratiebron waren in mijn jeugd: John F. Kennedy en paus Johannes XXIII.
Eerstgenoemde werd door het volk van de Verenigde Staten, nu deze maand -8
november- precies 50 jaar geleden tot hun president. Bij de eedaflegging hield hij een
opmerkelijke toespraak waarin hij zei: “Landgenoten, vraag niet wat je land, je regering
voor jou kan doen, maar vraag jezelf af wat jij, wat jullie voor je land kunnen doen”. De
spijker op zijn kop!
Ook wij, parochianen van de Nazarethparochie, zijn op zoek naar wat wij voor elkaar
kunnen betekenen. Waar staan wij op dit cruciale moment? Hoe gaan wij verder? Wat
mogen wij verwachten? Welk perspectief geven wij zelf aan onze parochiegemeenschap? Wat bindt ons? Waardoor raken wij in vuur en vlam? Branden
onze harten?
Laatstgenoemde is Papa Giovanni, paus Johannes. Al een oude man (78!) toen hij paus
werd, maar tegelijk een enorme vitaliteit van geest, een man gezonden door de Geest
van God.
“Doe de ramen open van onze geloofsgemeenschap zodat een fris en nieuw elan kan
binnenstromen. Laat de Geest van wijsheid, vuur en liefde over ons komen, zó dat wij
de tekenen van de tijd leren verstaan; dat wij geworteld zijn in deze aarde én dat wij een
bestemming hebben voorbij de horizon van onze aardse werkelijkheid En terwijl wij elkaars reisgenoten zijn, trekkend over lange, verre vlakten, over bergen
en door dalen, nu eens donker dan weer licht, kan het gebeuren dat hij, Jezus zelf,
gewoon ons de hand geeft, met ons “op bedevaart”is, terwijl wij Hem niet herkennen,
omdat wij het geloof in zijn Geest, die alles nieuw zal maken, allang verloren hebben!
Maar misschien tóch, juist dàn, begint het te dagen en blijft dat vlammetje branden
terwijl de duisternis valt. “Blijf bij ons want het wordt al avond en de dag loopt ten einde.
Toen ging Jezus binnen om bij hen te blijven”.
President Kennedy en Paus Johannes.
Wat deden zij waardoor tallozen in die tijd geraakt werden? Ik vermoed dat dat kwam omdat zij “uitdagend én uitnodigend” waren op een eigen en
unieke wijze. Zij gaven een richting aan hoe de weg verder te gaan, zoals de droom van
Jesaja voorzegt: “Kom, laat ons optrekken naar de berg van de Heer. Hij zal ons zijn
wegen wijzen en wij zullen zijn paden bewandelen… En zij zullen hun zwaarden
omsmeden tot ploegijzers…Geen volk zal nog het zwaard trekken tegen een ander…
Pacem in terris, Vrede op aarde, zoals de laatste brief van papa Giovanni getuigt
.
Pastor Henny Spooren koos uit (10 juni
2010):
Leven is dankbaar zijn
voor licht en liefde
voor warmte en tederheid
in mensen en dingen
zomaar gegeven
(tekst uitgesproken
in de gezamenlijke ziekenzalving in de Martinuskerk)
.
.
Pastor
Adrie Lint koos uit (1 juni 2010):
Wijncrucifix
Onverwacht zag ik in een boek een klein fotootje van dit prachtige kunstwerk van Arnulf
Rainer. Blijkbaar heb ik een vijfde zintuig voor zijn kunst. Telkens weer ben ik getroffen door de expressieve kracht die van zijn werken uitgaat.
In het werk van Rainer kom je ze voortdurend tegen: kruisen in alle vormen, kleuren en maten. Dit werk meet 1 meter 68 bij 1 meter. Het werd in 1957 gemaakt voor een altaar van de studentenkapel in
Graz, Oostenrijk. Het bloed verwijst naar de eucharistie: "dit is mijn bloed" zegt Jezus bij het delen van de wijn. In de zestiger jaren werd het stuk verwijderd uit de kapel. De kunstenaar heeft het opnieuw bewerkt. "Ik besefte dat de kwaliteit en de echtheid van het schilderij alleen maar sterker werd wanneer ik het steeds donkerder maakte" zo legde Rainer uit. Het kunstwerk is nu onderdeel van de uitgebreide Tate collectie.
Voor mij verwijst het werk ook naar het lichamelijke schandaal dat de kruisiging van Jezus inhoudt. Een bloedende mens.
.
Pastor Paul Heye koos de oude kerkelijke hymne
uit (5 mei):
Op weg naar Pinksteren
Kom, heilige Geest, met uw licht.
Vader van de armen, licht voor onze harten,
lieve trooster van mijn ziel.
keer het donker om in het licht,
maak wat koud was, warm,
en al wat oud was, weer als nieuw.
.
.
Pastor
Adrie Lint schreef (1 mei 2010):
Meimaand: Maria
Maria wordt wel eens het vrouwelijke element van God genoemd. Zij zou binnen het christendom een tegenwicht kunnen bieden voor de overwaardering van al die mannelijke benamingen voor God en de grote meerderheid van mannelijke heiligen. Vaak wordt zij dan ook als een godin afgebeeld en verheerlijkt. Het is zeker goed om binnen onze kerk de eenzijdigheid van onze godsbeelden te doorbreken, maar de betekenis van Maria gaat veel verder.
Al heel vroeg heeft de kerk Maria herkend als de moeder van alle gelovigen, want in Maria komt God tot leven. Maria zegt ja tegen Gods Liefde. Een vrouw die zwanger is, staat heel dicht bij de kracht van het Leven. Zij is geraakt door de kracht van Gods Liefde. Zo is een vrouw van vlees en bloed vervuld van de heilige Geest. In haar wordt Gods Woord tot mens. Ook na de geboorte van Jezus, bewaarde zij Gods liefde in haar hart. Zij leefde vanuit een innerlijk gesprek met God, de eeuwige bron van vrede en liefde.
Haar leven was allesbehalve gemakkelijk, niet romantisch. Het leek in de verste verte niet op een glossy magazine. Zij moest meemaken hoe haar zoon verdacht gemaakt werd, opgepakt en vermoord: haar eigen kind op het kruis. De hardheid van het leven is haar niet bespaard. Toch blijft ze geloven in God die Liefde is.
Kunnen wij ons in deze tijd herkennen in Maria, een vrouw die weet van vreugde en verdriet? Kan zij óns sterken in ons geloof?
Begin juni 2008 wordt Ingrid Betancourt na zes jaar gevangenschap bevrijd. De guerillabeweging van de Farc heeft haar al die tijd gegijzeld in het oerwoud van Columbia. Samen met meer dan 750 andere gijzelaars. In een openhartig interview met een Franse krant zegt zij dat Maria haar tijdens haar gijzeling tot grote steun is geweest.
“Het enige antwoord op geweld is een antwoord van liefde.”zegt Betancourt. “En ik doe erg mijn best om de gijzelnemers te vergeven. Ik herinner me heel goed deze commandant. Ik zie hem voor me. Hij was zo wreed geweest, zo gruwelijk. Toen hij voor me ging zitten, kon ik toch voor hem glimlachen. Het is erg moeilijk om van je vijand te houden. Je kan niet van iemand houden die je zoveel pijn doet. Maar ik vond in Christus een soort springplank. Ik zei in mijzelf: “Ik haat hem, maar voor U, Christus, stop ik met te zeggen dat ik hem haat.” En het feit dat ik het woord haat niet in mijn mond nam gaf mij rust.”
“Maria is me daarbij tot grote steun geweest. Dat was fundamenteel voor mij, omdat in een ambiance van spirituele eenzaamheid waarin alles om mij heen vijandig en agressief was, ik heb moeten leren niet te reageren op de wijze van toen ik vrij was en werd omringd door mensen die van me hielden: leren zwijgen, leren het hoofd te buigen. Soms was zij de enige persoon met wie ik kon praten, en dat geheel van binnen, de Maagd. Daarom, bravo Maria. Zij heeft me enorm gesteund.”
Tijdens haar verblijf in de jungle maakte Betancourt van afval en vruchten een provisorische rozenkrans. Wanneer zij na haar bevrijding in Frankrijk komt, gaat zij samen met haar kinderen en moeder naar Lourdes. Het is een emotionele gebeurtenis. Gekleed in de blauw witte kleuren van Maria, bedankt zij de Heilige Maagd dat ze vrij is gekomen en bidt zij voor de bevrijding van de mensen die nog gevangen zitten.
Maria kon ons steun en troost bieden, nog steeds en niet alleen in mei. Laten we blijven bidden, met Maria, wanneer we Gods Liefde nodig hebben. Zoals Ingrid Betancourt deed met haar geknutselde rozenkrans.
Kan zij als een roos voor ons zijn,
die ons troost en vertrouwen geeft
dat Gods Liefde ons nabij is?